Media, Voetbalschool Uden
Voetbalvisionair zonder groete mond. René Meulensteen is onder alle loftuitingen en kritiek zichzelf gebleven.

Ergens in de hitte van de woestijn in Qatar werden de beginselen van zijn gedachtegoed gevormd. Het werd geen fata morgana, integendeel zelfs. Bij Manchester United lopen ze weg met zijn ideeen, in Nederland is de visie van René Meulensteen voor de KNVB nog altijd wel een luchtspiegeling. Zou voor voetbalvisionairs hetzelfde gelden als de grote filosofen en kunstenaars van Nederland? De eer viel hen in veel gevallen erg laat of zelfs postuum te beurt.rene-11

Toegeven, het is een wat morbide gedachte. Bovendien wie de 43-jarige Meulensteen zo aanziet, ontdekt niet gelijk in hem de ‘redder van het Nederlandse technische voetbal’, waar sommige aanhangers van zijn visie hem wel voor houden. Sterker nog, je zou hem in een winkelstraat straal voorbij lopen. De rustige uitstraling, de bedachtza
me manier waarop hij zijn woorden uitspreekt, het is niet het charismatische waar bijvoorbeeld iemand als Fritz Korbach een patent ophad. En de autocratische wijze, waarop voetbalvorst Louis van Gaal de scepter zwaait in Alkmaar, is al helemaal niet de manier van communiceren die Meulensteen voorstaat.

Aan de andere kant, loop met Meulensteen van de kantine naar het veld en de geur van gras doet blijkbaar de her senschors prikkelen. Begeistert, een ander woord is er niet voor te vinden, is hij als hij plots voor verbouwereerde omstanders pen en papier pakt en zijn basisideeën van de één-tegen-één situatie uitlegt. Driehoekjes, rondjes, pijlen verschijnen in recordtempo op papier. “Je hebt vier één-tegen-één situaties”, legt hij uit. “De tegenstander kan van achteren langszij proberen te komen, waarbij de speler met bal zijwaarts kan wegdraaien. De verdediger kan ook van links of rechts proberen de bal af te pakken, frontaal staan opgesteld of van achteren komen. In al deze situaties moet de speler de juiste keuze zien te maken. Welke individuele actie moet hij maken? Dat is afhankelijk van zijn arsenaal aan technische wapens. Hoe eerder wordt begonnen met techniektrainingen en hoe vaker de oefenstof wordt herhaald, hoe beter de speler wordt ‘uitgerust’ voor het topvoetbal”. De veelheid aan technieken die een speler moet beheersen, hij heeft het de naam toolbox meegegeven. Het is het ook meest tastbare handvat dat hij uit de hittedampen van de woestijn heeft meegenomen. Het vormt de kern en het doel van zijn visie die erop gericht is door extra weerstanden de individuele speler beter te maken. Niet alleen op technisch terrein, maar ook op fysiek, tactisch en mentaal gebied.

Voetbaldier

Meulensteen was niet altijd een visionair, wel een voetbaldier die het in Noord-Brabantse dorp Beugen opgegroeide in een gezin waar zijn broers ook behept waren met het voetbalvirus. Het is een verklaring voor zijn doorzettingsvermogen en de wijze waarop hij zijn ideeën ontwikkeld heeft. De kiem voor het gedachtegoed dat tegenwoordig bekend staat als de Meulensteen-visie schuilt echter juist in zijn verdieping in bestaande ideeën. Of anders gezegd, in de bewondering voor Wiel Coerver die hij in 1993 op 29 jarige leeftijd nareisde naar Qatar. Meulensteen : “Ik heb vijf jaar met Wiel samengewerkt. In die tijd heb ik veel gezien en geleerd. Na zijn vertrek ben ik op zijn ideeën verder gaan borduren”. Hij voegde zijn kennis en ideeën toe aan zijn pedagogische kwaliteiten, die hij reeds als jeugdcoach bij NEC al had tentoongespreid. Meulensteen baarde opzien als coach van de nationale jeugdteams onder de zestien en zeventien van Qatar. Hij bleek echter meer te kunnen. In 1999 won Meulensteen als manager van El- Etehad, nu bekend als Al- Gharrafa, de Arabische cup voor landskampioenen. Een jaar later werd hij met de club Al-Sadd landskampioen. Daarmee bereikte hij een plafond dat hij als voetballer nooit had weten te bereiken. Voorwaarde voor succes is wel voor hem dat alle randvoorwaarden zijn ingevuld. Wat dat betreft verschilt hij niet zo veel met iemand als Van Gaal. En net zoals de coach in Alkmaar trekt hij zijn conclusies als dingen niet gaan zoals hij dat voor ogen heeft. Dat was de reden dat hij het vorig seizoen bij Brondby niet naar zijn zin had. “Als ik ergens aan begin, wil ik de vrije hand hebben om de organisatie, spelersmateriaal en al wat dan niet meer zo wordt aangepast dat er topprestaties geleverd kunnen worden”, stelt hij. Op het oude nest bij Manchester United, waar hij in 2001 aangesteld werd als hoofd opleidingen en in 2006 vertrok voor het avontuur in Denemarken, kan hij zich niet alleen wentelen in de weelde van een professionele organisatie, maar in de schaduw van Ferguson ook werken aan zijn loopbaan als coach. In Manchester heeft hij nu nog maar een ondersteunende taak bij de befaamde Academy waar jeugdspelers worden gekneed tot kerels. Hij is door Alex Ferguson bij het eerste team betrokken waar hij mannen als Giggs, Rooney en Cristiano Ronaldo, zoals hij dat zelf noemt, “op details” beter maakt. Het vertrouwen van Ferguson in hem, zelfs na het echec van Brondby, zegt veel h
oe ze in Manchester over zijn capaciteiten denken. Meulensteen was altijd de man achter de schermen. Een man die stelt dat “als hij niet in het voetbal was verder gegaan, in de consultancy was terechtgekomen”. Diezelfde man die uitblinkt in het adviseren en begeleiden van mensen is nu echter zelf weer een beetje leerling. Aan de hand van Ferguson leert hij wat er in de praktijk bij komt kijken om trainer/coach van een Europese topclub te zijn.

Erkenning

Onderwijl begint de erkenning in Nederland voor wat hij op trainingstechnisch gebied gepresteerd heeft nu pas echt te komen. Tijdens de Nederlandse Techniekkampioenschappen op Papendal liepen er tientallen trainers rond die volgens de visie van Meulensteen onderricht gehad hebben. “In Nederland merkten omstreeks de eeuwwisseling steeds meer trainers op dat de Nederlandse spelers over niet genoeg technische bagage beschikten”, vertelt Meulensteen. “Specifieke trainingen werden hiervoor niet gegeven. Zodoende kwam een vriend van mij, Fons van den Brande, met het verzoek of ik nischoleset eens een cursus wilde geven. Dat heb ik in 2002 gedaan. Toen besloeg de hele cursus anderhalf uur uitleg over mijn visie en anderhalf uur uitleg hoe je die visie in de praktijk kan brengen. Maar er kwamen wel al 240 trainers op af, terwijl we er hoogstens tachtig verwacht hadden. Nu hebben we elk jaar in juni drie cursusdagen en zijn er honderden trainers volgens de Meulensteen-visie opgeleid”. Zijn enthousiasme, het slaat over naar de mensen op het veld, maar niet naar die personen die achter de burelen bij de KNVB zitten. De Meulensteen-visie wordt daar nog altijd niet erkend of liever gezegd verketterd. Meulensteen zelf is echter de man niet naar af te geven op de bond. “De KNVB heeft ook veel goede dingen gedaan, dat vergeet je wel eens als je een verschil van mening hebt. Om een voorbeeld te geven : veel clubs in Engeland trainen nog zoals vijftig jaar geleden gebruikelijk was. Wat dat betreft is Nederland al veel verder. Ik hoop dan ook dat we er in de toekomst met de KNVB uit zullen komen”. De mildheid, zijn toegankelijkheid, het straalt van hem af. Meulensteen is er in geslaagd om zijn persoonlijkheid niet door de teleurstellingen, waarmee hij door zijn perfectionistische inslag te maken krijgt, te laten “verzuren”. Maar dat komt ook, omdat hij wat dat betreft bij Manchester United zijn hart kan ophalen. In de hele regio om de stad zijn zogeheten “development centers” opgezet waar talentvolle kinderen binnenstromen. Bevalt een talent, dan komt hij op een “advanced centers” terecht dat de supervisie heeft over vijf “development centers”. Vervolgens kan hij doorstromen naar Manchester United.

Pupillentrainers

Als het om pupillentrainers gaat, heeft Meulensteen drie uitgangspunten. “Hij of zij moet een uitdaging hebben, plezier hebben in wat hij of zij doet en een doel voor ogen hebben”. Dat klinkt als gemeengoed en inderdaad gaan de eisen van Meulensteen verder : “De trainer/coach als het typetje ‘charismatisch’, ‘dogmatisch’ of ‘autocratisch’ bestaat niet meer”, verklaart hij. “De trainer/coach van nu moet over meerdere essentiële eigenschappen beschikken. Dat geldt zeker ook voor pupillentrainers, want met kinderen omgaan vergt vaak nog meer energie. De pupillentrainer van nu moet enthousiast, communicatief vaardig en flexibel zijn en daarnaast ook nog over overzicht en organisatievermogen beschikken”. De donderspeech, die heeft Meulensteen in de ban gedaan. En toch kan hij op zijn manier soms wel uit zijn slof schieten. “Als spelers meerdere malen hun opdrachten niet uitvoeren, worden ze natuurlijk wel gestraft”, laat hij weten. “En dan maakt het mij geen donder uit of het nu een vedette als Giggs of een D-pupil betreft”.

voetbalvisionair-zonder-grote-mond-1

Delen